De standaard voor schade bij bomen

Voor de afwikkeling van boomschade zijn in Nederland inmiddels drie verschillende standaarden verspreid. Dit zijn de Rekenmethode van de NVTB, het Handboek Bomen van het Norminstituut en de Leidraad bij Boomschade waar deze site over gaat. 

De Rekenmethode en het Handboek zijn gemaakt voor de behandeling van contractuele schade. Bij een contract moet dan – tussen de betrokken partijen-  wel vooraf zijn afgesproken dat eventuele boomschades zullen worden afgewikkeld volgens de Rekenmethode of het Handboek Bomen. Ook kunnen deze twee worden gehanteerd bij beleidsmatige kwesties. Zoals een wegreconstructie of bij nieuwbouw. Indien in een verordening/APV van een gemeente is opgenomen dat schades volgens één van deze twee methodes zal worden afgewikkeld kan het zo zijn dat bij de schadeafwikkeling conform een van deze twee methodes zal worden uitgevoerd. Dit is echter niet automatisch het geval.

Zowel de Rekenmethode als het Handboek zijn niet geschikt om bij aansprakelijkheidschades te worden toegepast. Belangrijkste reden hiervoor is dat de bepaling van zowel de waarde van een boom als de schade van bomen niet passen binnen de regels van het aansprakelijkheidsrecht. Het recht gaat uit van alle gemaakte kosten vanaf het moment van inplant van de boom tot en met de peildatum. Dus alle kosten van onderhoud, inspectie en controle tot en met de kosten van aanschaf en inplant van de boom vallen hieronder. Dit dient op basis van concrete cijfers te worden gemotiveerd. Zowel de Rekenmethode als het Handboek voldoen daar niet aan. Deze Leidraad voldoet daar volledig aan.

Voorgaande is precies wat de Leidraad doet en daarmee als enige van de drie standaarden toepasbaar bij aansprakelijkheid bij boomschade. Zowel de Rekenmethode (ca. 4 keer hoger) als het Handboek (ca. 6 keer hoger) komen vaak veel hoger uit. De Rekenmethode bepaalt haar waarde van bomen door elk jaar een paar procent rente op te tellen. Dat is inderdaad een rekenmethode maar een renteberekening heeft toch echt niets met waardebepaling van bomen – of wat dan ook - te maken. Maar dat doet de NVTB wel!

Het Handboek heeft een fantasiebedrag wat een kubieke meter boomkroonvolume waard zou zijn die elke realiteit mist. Dan wordt een boom plotseling vele tienduizenden euro’s waard terwijl de eigenaar niet meer dan bijvoorbeeld € 10.000,00 kosten heeft gemaakt om die boom te krijgen zoals die was op peildatum. Als het Handboek enige realiteit zou hebben wordt het wel erg duur om bijvoorbeeld een boom te kandelaberen, bovendien zijn boomkroonvolumes moeilijk verifieerbaar op juistheid. Wat te doen als de kronen van verschillende bomen in elkaar groeien. Daar houd het Handboek geen rekening mee.

Zowel voor de Rekenmethode als het Handboek moeten alle betrokken partijen bereid zijn om volgens die standaarden de hoogte van de schade uit te rekenen. Dat heb ik nog niet meegemaakt. De enigste standaard die voldoet om de hoogte van de schade bij aansprakelijkheid vast te stellen is de Leidraad bij Boomschade. De gehanteerde cijfers zijn concreet uit de praktijk van de productiesector van bomen. Zowel de Rekenmethode als het Handboek voldoen daar dus niet aan.